Onweer zie ik in haar ogen als Stephanie op donderdagmiddag op de stoep staat. Ze gooit haar jas op de kapstok en haar laarzen op de mat. Stephanie loopt liever op haar sokken. Ze heeft ze in alle kleuren. Soms heeft ze links een rode en rechts een groene sok. Of andersom. Maar vandaag gaan we het niet over haar sokken hebben. Want Stephanie is boos. 

“Het was vandaag een rot dag”, zegt ze. “Wat is er gebeurd?” Ze vertelt dat haar zusje al heel vroeg aan het krijsen was. En toen zo haar nieuwe jurk onderkotste. Daardoor was ze te laat op school want ze moest zich natuurlijk omkleden. Toen werd de meester boos. Hij wilde echt niet luisteren dat ze er niks aan kon doen. Op het schoolplein kreeg ze ruzie met haar beste vriendin omdat ze niet wilde komen spelen. Nou en toen ze chagerijnig thuis kwam en met de deur gooide waardoor haar stomme zusje wakker werd en weer ging krijsen, werd haar moeder ook nog kwaad en moest ze naar haar kamer. 

“Dus zo ongeveer”, zucht ze een beetje rustiger. “Een echte rotdag, zeg dat wel! Zullen we kijken of we een oplossing voor zulke dagen kunnen vinden?” Na een poosje brainstormen komt Stephanie erachter dat ze vooral een beetje rust nodig heeft als er iets vervelends gebeurt. Of iets onverwachts. Of in ieder geval iest waar ze boos van wordt. En zo bedenken we de time out pet. Een mooie roze. En als ze die op heeft, weet iedereen thuis dat ze even niet wil praten. Dat wil ze dan pas weer als ze weer wat rustiger is. Maar dan zet ze wel eerst haar pet af. Zodat het duidelijk is voor iedereen!