Hoe durf je nieuwe dingen te doen - als je faalangst hebt?

'Ik wou dat ik onzichtbaar was.'
'Dan kan ik niets fout doen.'

Marie komt bij me omdat ze bang is nieuwe dingen te doen. Ze durft niet te skeeleren. Ze heeft nog nooit bij opa en oma gelogeerd. Aan het schoolreisje naar de Efteling wil ze al helemaal niet denken. En op vakantie naar Frankrijk gaan, dat lijkt haar het áller-engst. Het liefst wil Marie onzichtbaar zijn. Want alleen dan voelt ze zich veilig. Marie heeft faalangst. 

Samen zijn we er al achter gekomen dat haar angst in groep 4 begon. Toen de juf voorlas uit de bijbel. Juf Anne vertelde dat sommige mensen geloven dat God alles ziet wat je doet. Alles en altijd. Dat hij weet of je iets goed doet, of fout. En precies daarvan is Marie geschrokken. Zo erg, dat ze die dag verder niks meer hoort van wat de juf vertelt.
En zo gebeurt het dat ze het liefst onzichtbaar is. Want dan kan ze in ieder geval niks fout doen.

Gelukkig durft Marie één ding nog wel, en dat is tekenen. Vandaag vraag ik haar te fantaseren over een leven, in een andere tijd, in een ander lichaam, waarin het héél handig zou zijn als je onzichtbaar bent omdat je het anders misschien wel niet overleeft.

Marie tekent een klooster. Met een een kamer vol nonnen. Het is lang geleden, want de nonnen schrijven met kroontjespennen. Als ik Marie vraag of ze ook op de tekening is, tekent ze een groentetuin naast het klooster. En een man met moddervegen in zijn gezicht en gaten in zijn broek. Hij staat achter een boom.

'Wat is het volgende dat gebeurt?', vraag ik.
Marie krijgt rode wangen: 'Ik ben een zwerver. En ik durf álles.'
Op een ander blad laat ze zien hoe hij de mand met aardbeien van een non steelt.
'Ik heb zó honger', zegt Marie, 'ik heb al 3 dagen niks gegeten...... ik wil hard wegrennen.... ik word zó duizelig...'
Dan tekent Marie hoe de zwerver in zijn billen wordt geschoten door de veldwachter.  Die iedere zondag een bessenjenever bij de nonnen komt drinken. De zwerver ligt op de grond. De non staat er keihard bij te krijsen dat het zijn verdiende loon is. En dat God álles ziet……..

Dan begrijpt Marie dat toen de juf uit de bijbel vertelde, er in haar een eigen oud verhaal wakker werd. Dat niet af was.
Marie kijkt op: 'Dus eigenlijk is het heel logisch dat ik zo bang ben. Het liep zó fout af in de kloostertuin.'
'Wat ga je dan geloven?', vraag ik.
'God ziet alles. En als je alles durft, word je in je billen geschoten.'
'Weet je nog waarom je de aardbeien wilde?'
'Ik had drie dagen niks gegeten.'
"Denk je dat God iemand wil straffen die zó honger heeft?'
'Misschien wel niet. In een klooster zitten toch mensen die lief willen zijn?'
'Volgens mij wel.'
'Dan had ik de aardbeien dus wel verdiend. Stomme non.'

Een week later spelen we het hele verhaal na. Met een waterpistool, tomatenketchup en aardbeien. Bij iedere aardbei die Marie in haar mond stopt, zegt ze: 'Ik durf veel.' Net zo lang, tot ze al haar moed in de kloostertuin opgehaald heeft. Precies dan is de mand aardbeien leeg.

Beetje bij beetje durft Marie nieuwe dingen te oefenen. Als het zomervakantie is, krijg ik een kaart uit Limoges: De aardbeien zijn hier nóg lekkerder. Groetjes van een zwerver.